Wetenschappers onthullen dat het tweede kind het “probleemkind” is – de redenen waarom zijn interessant

0
672

Kinderen zijn heel onvoorspelbaar, en zelfs al geef je al je kinderen dezelfde opvoeding dan is hun opgroeien toch heel verschillend. We willen allemaal het beste voor onze kinderen, en proberen te voorkomen dat ze op het slechte pad terecht komen. Maar dat is niet altijd even gemakkelijk.

Wetenschappers wilden daarom te weten komen wat de oorzaken zijn van de verschillen tussen kinderen van hetzelfde gezin. Een studie werd uitgevoerd in Denemarken en Florida, met duizenden gezinnen. Deze studie heeft nu aangetoond dat tussen de 20% en 40% van de tweede kinderen problemen hebben op school of later in aanraking met het gerecht komen.

Pixabay / Alexas_Fotos
Pixabay / Alexas_Fotos

Joseph Doyle, MIT-econoom verantwoordelijk voor de studie, vertelde het volgende aan NPR:

“De volgorde van de kinderen heeft een verrassend belangrijke invloed op het presteren op school, maar nog interessanter is dat dit ook invloed heeft op statistieken zoals disciplinaire problemen op school, jeugddelicten en andere misdaden.”

De studie heeft verschillene hypotheses waarom dit het geval is. Maar de conclusie is duidelijk: na de geboorte van het tweede kind moeten de ouders emotioneel investeren in beide kinderen. Het eerste kind kan op de volledige aandacht rekenen, maar het tweede kind moet de aandacht altijd delen met de broer of zus.

Pixabay / White77
Pixabay / White77

Een andere hypothese is dat het tweede kind sneller kan opgroeien dan het eerste kind. Het tweede kind kan namelijk rekenen op de ervaring van de ouders, maar ook van de oudere broer of zus. Dit maakt het makkelijker voor hen. De ouders hebben ook meer ervaring wat voor een andere aanpak zorgt.

Uit de studie blijkt ook dat deze aannames en conclusies niet beperkt blijven tot het tweede kind. Gezinnen met meer dan twee kinderen hebben ook met dit fenomeen te maken. De statistieken gelden voor alle kinderen, met uitzondering van de oudste.

Er is echter geen reden om je zorgen te maken! De conclusie van de studie geldt slechts voor 20% tot 40% van de kinderen. Het betekent dus niet meteen dat ook jouw kinderen binnen deze groep vallen. Maar misschien toch maar even in de gaten houden?

DELEN